Dr. Elise Nillesen loopt snel naar haar auto, de avondschemering vervaagt. Ze ploft op de passagiersstoel, een stethoscoop in haar handtas en een kleine apotheek in de kofferbak en gaat de frisse novembernacht tegemoet. Met haar chauffeur Henry, die is opgeleid in medische basiszorg, rijdt Nillesen door Nijmegen. Zodra ze het ziekenhuisgebouw verlaten dat als thuisbasis fungeert, waar Henry een geïmproviseerd bed heeft opgesteld zodat hij tussen de oproepen in kan slapen, blijven ze urenlang weg.

 

De nacht begint in een blok rijtjeshuizen waar een man hevige pijn heeft. Nillesen raadt enkele diagnostische tests aan en zegt hem ‘s ochtends zijn vaste arts te bellen, naar wie ze ook aantekeningen zal sturen.

 

Op weg terug naar het ziekenhuis krijgt ze een nieuw telefoontje: een vrouw van middelbare leeftijd maakt zich zorgen over wat ongemak op haar borst. Henry maakt een bocht van 180 graden en 15 minuten later komen ze een slaperige enclave van eengezinswoningen binnen. Na het zien van de vrouw besluit Nillesen een ambulance te bellen. Henry rijdt hun auto de straat over en trekt flitsende gele lichten aan terwijl ze wachten op paramedici.

 

Vervolgens nog een oproep: een oudere vrouw met terminale kanker heeft gebeld, bezorgd over een reactie op haar chemotherapie. Het huis ligt op ongeveer 20 minuten afstand rijden en gaan op zoek naar de vrouw.

 

Het is allemaal in een nachtwerk voor Nillesen en Henry. “Het is een beetje anders dan wat u overdag doet”, zegt Nillesen, wiens reguliere huisartsenpraktijk ongeveer 15 minuten buiten Nijmegen ligt.

 

De dienst van Nillesen maakt deel uit van een grotere huisartsencoöperatie die nazorg verzorgt. Er zijn anderen zoals het hele land. De coöperatie is de belangrijkste reden waarom Nederlandse patiënten vaker dan patiënten bijna overal ter wereld zeggen dat ze na kantooruren zorg kunnen krijgen als ze dat nodig hebben.

 

De coöperatie is een microkosmos van de gezondheidszorg in Nederland: een ingewikkelde machine met veel bewegende delen, aanbieders die samenwerken om medische zorg aan hun patiënten te leveren. Nederland leunt op particuliere actoren – particuliere verzekeraars, zelfstandige artsen, particuliere ziekenhuizen zonder winstoogmerk – om gezondheidszorg te verlenen. Maar het legt ook strikte regels op aan de gezondheidssector om de doelen betaalbaarheid en toegang te bereiken. Die balans van marktprincipes en nauwe overheidsregulering heeft een gezondheidszorgsysteem gecreëerd dat goed lijkt te werken voor de Nederlanders.

 

Het volledige artikel leest u hier, waarin er vanuit Amerikaans oogpunt op het Nederlandse zorgstelsel wordt gekeken (in het Engels);

https://www.vox.com/policy-and-politics/2020/1/17/21046874/netherlands-universal-health-insurance-private